Vereniging voor Dorpsbelangen

Boerakker - Lucaswolde

Dorpsvisie Boerakker- Lucaswolde

VOORUIT IN DE TIJD!

Colofon:
De dorpsvisie van Boerakker is mogelijk gemaakt door een bijdrage van: Het Loket Leve(n)de Dorpen Westerkwartier en de gemeente Marum.
De dorpsvisie is een uitgave van de Vereniging Dorpsbelangen Boerakker/Lucaswolde.
De dorpsvisie is tot stand gekomen met procesbegeleiding van de Vereniging Kleine Dorpen Groningen (Nienke Vellema).
De foto’s in dit rapport zijn gemaakt door Frederiec Withaar en Jan Helder.
De tekening op de voorkant is van Bettine Schaap en de tekening op de achterkant is gemaakt door Stephan Renkema. Met dank voor de medewerking vanuit de beide basisscholen.
Eindredactie: Klaas Blok en Hugo Bos
Hoofdstuk 1. Aanleiding, theoretisch kader en werkwijze Boerakker/Lucaswolde
1.1 Aanleiding
1.2 Wat is een dorpsvisie?
1.3 Waarom een dorpsvisie?
1.4 Werkwijze Boerakker/Lucaswolde
Hoofdstuk 2. Boerakker/Lucaswolde in het kort:
2.1 Historie: Boerakker/ Lucaswolde “Ons Dorp”
2.2 Voorzieningen en bevolking in cijfers
2.3 Bestaand overheidsbeleid
Hoofdstuk 3. Inventarisatie
3.1 Inleiding, werkwijze en respons
3.2 Leefbaarheidsthema’s Boerakker/Lucaswolde: de uitkomsten van de vijf inventarisaties
Hoofdstuk 4. Plan van aanpak
4.1 Concrete activiteiten
4.2 Tijdspad
4.3 Afsluitend
Voorwoord
Voor u ligt de dorpsvisie van Boerakker en Lucaswolde. De werkgroep Toekomstvisie Boerakker/Lucaswolde heeft deze visie tot stand gebracht met ondersteuning van de Vereniging Kleine Dorpen Groningen (VKDG) en met de inbreng van een groot aantal dorpsbewoners. Vooruitzien en samen nadenken over de toekomst van onze dorpen, dat was de opdracht die Dorpsbelangen zichzelf stelde bij de opstelling van voorliggende visie. Wat zijn onze sterke punten en wat kan beter. In februari en maart 2003 heeft de werkgroep vijf avonden in “Oomkegast” georganiseerd. Hier zijn ruim honderd dorpsbewoners via zogenaamde keukentafelgesprekken gevraagd met ideeën en wensen te komen, die bij kunnen dragen om de leefbaarheid in onze dorpen te vergroten. Deze ideeën en wensen zijn neergelegd in genoemde visie.
Hiermee willen we voor onze eigen inwoners, maar vooral ook richting gemeente en andere overheden duidelijk maken hoe wij onze toekomst zien. Het is een doorkijk tot na 2015.
Het plan is niet geschreven voor de mooie woorden. Wij willen nadrukkelijk ook dat er zaken worden gerealiseerd: acties die op korte of iets langere termijn moeten plaatsvinden. Als Vereniging Dorpsbelangen kunnen we dat echter niet alleen. Voor financiële middelen zullen we aanspraak moeten maken op subsidies. Wij rekenen daarbij vooral op de steun van de gemeente Marum.
De in deze visie uitgewerkte ideeën zijn voor Dorpsbelangen richtinggevend voor de toekomst. Uiteraard beperkt het werk van Dorpsbelangen zich niet tot wat in deze visie is uitgewerkt. Maatschappelijke ontwikkelingen en veranderende inzichten kunnen nieuwe kansen of knelpunten opleveren waar we aandacht aan moeten besteden.
Rest mij nog namens Dorpsbelangen al de mensen die hebben meegewerkt aan het tot stand komen van deze visie, hartelijk dank te zeggen. De werkgroep Toekomstvisie bestond uit:
Hugo Bos
Lubbert Dijk (tevens bestuurslid Dorpsbelangen)
Rensina Dijkhuizen
Jacques Drenth (tevens bestuurslid Dorpsbelangen)
Jan Helder (tevens bestuurslid Dorpsbelangen)
Aafke Meijering
Anton van Spronsen (tevens bestuurslid Dorpsbelangen)
Derkje Visser-Stienstra (tevens bestuurslid Dorpsbelangen)
Willem de Vries
Frederiec Withaar
Gertjan Zuidema
Dat de toekomstvisie Boerakker/Lucaswolde ertoe mag leiden dat het gewaardeerde landelijke karakter van onze dorpen nog een extra impuls krijgt.
Jacques Drenth,
voorzitter Dorpsbelangen Boerakker/Lucaswolde
Hoofdstuk 1. Aanleiding, theoretisch kader en werkwijze Boerakker/Lucaswolde
1.1 Aanleiding
Toen de Provincie op basis van het woonplan extra wooncontingenten toekende aan het Westerkwartier was dat voor de Vereniging voor Dorpsbelangen Boerakker/Lucaswolde een nieuwe stimulans voor het maken van een dorpsvisie.
Het bestuur van Dorpsbelangen vindt woningbouw erg belangrijk voor de leefbaarheid. Zij wilde daarom onderzoeken of er binnen het dorp draagvlak is voor woningbouw in Boerakker/Lucaswolde en tegelijk inventariseren hoe bewoners tegen andere leefbaarheidsaspecten aankijken.
De VKDG heeft daartoe, in overleg met de werkgroep dorpsvisie gekozen voor de standaard aanpak van het “Loket Leve(n)de Dorpen”: de keukentafelmethode.
1.2 Wat is een dorpsvisie?
Een dorpsvisie is: “Een plan waarin een dorpsbelangenorganisatie aangeeft wat de gewenste ontwikkeling is van de leefbaarheid van het dorp en de naaste omgeving”.
Bij leefbaarheid gaat het om onderwerpen als: werkgelegenheid, voorzieningen, wonen, woonomgeving, veiligheid, milieu, het imago van het dorp en de waarden en normen binnen een dorpsgemeenschap etc.
Belangrijke kenmerken/voorwaarden van een dorpsvisie zijn:
· De dorpsvisie wordt opgesteld door het dorp, d.w.z. door individuele inwoners, alle organisaties binnen het dorp en organisaties die direct met realisering/uitwerking te maken kunnen hebben. In veel gevallen is de dorpsbelangenorganisatie de meest aangewezen trekker voor deze activiteit.
· De dorpsvisie wordt in principe opgesteld voor de middellange termijn. Het realiseren van onderdelen uit de dorpsvisie kan soms direct plaatsvinden.
· De dorpsvisie moet door het dorp gedragen worden, d.w.z. door de inwoners en alle organisaties van het dorp. Hierbij wordt rekening gehouden met verschillende belangen in het dorp. Hoe meer organisaties (gemeente, scholen, sportverenigingen, andere dorpen) de ideeën uit de dorpsvisie dragen, hoe groter de kans van slagen.
· Van belang is ook te toetsen hoe een en ander zich verhoudt tot plannen van andere dorpen (bovenlokaal) en de overheid, met name de gemeente.
In een dorpsvisie gaat het niet alleen om allerlei inhoudelijke aspecten (wensen en ideeën), ook organisatorische aspecten (wie doet wat, en wanneer?) worden beschreven.
1.3 Waarom een dorpsvisie?
Wanneer het bestuur van de Vereniging voor Dorpsbelangen besluit tot het maken van een dorpsvisie, zijn de beweegredenen vaak de volgende:
· Verandering taakopvatting dorpsbelangen: proactief en beleidsmatig.
· Rode draad voor het bestuur van dorpsbelangen: een kader voor het eigen functioneren, doordat alle wensen en ideeën op een rijtje worden gezet. Duidelijk wordt wat er leeft binnen een dorp.
· Versterking draagvlak binnen het dorp: duidelijker wordt met welke zaken een dorpsbelangenorganisatie zich bezig dient te houden om de leefbaarheid van het dorp te behouden of te versterken. Doordat iedereen in het dorp gevraagd wordt mee te denken, wordt bovendien de band tussen bestuur en achterban versterkt. De werkwijze om dit eindresultaat te bereiken creëert meer draagvlak in het dorp.
Met een goede dorpsvisie heeft het uitvoeren van deze wensen en ideeën meer kans van slagen omdat daar binnen het dorp draagvlak voor bestaat; de gemeente kan dit niet gemakkelijk ter zijde schuiven. Omdat dorpen meedenken over hun toekomst krijgt een dorpsbelangenorganisatie zo een veel actievere rol. Door het beschikken over een dorpsvisie kan een dorp ook een snelle, eenduidige reactie geven op plannen van de overheid (bestemmingsplan, streekplan etc.) of zelfs op die planvorming vooruit lopen. Hierdoor wordt de inspraak effectiever.
(bron: Handboek Dorp en Gemeente, samen werken aan de toekomst, FLD/VKDG, juni 2000)
1.4 Werkwijze Boerakker/Lucaswolde
Zoals reeds genoemd is de dorpsvisie van Boerakker/Lucaswolde tot stand is gekomen via de keukentafelaanpak. De volgende stappen zijn in het kader daarvan doorlopen:
Na overleg met het bestuur van Vereniging voor Dorpsbelangen Boerakker/Lucaswolde heeft de VKDG een stappenplan ontwikkeld op basis waarvan de subsidies bij het Loket Leve(n)de Dorpen en de gemeente zijn aangevraagd. Inmiddels verbreedde het bestuur van Dorpsbelangen zich in het kader van dit project tot een werkgroep Toekomstvisie. Deze werkgroep bestond uit 11 personen. Via de dorpskrant informeerde het bestuur van Dorpsbelangen de dorpsbewoners over haar plannen.
Op één van de eerste werkgroepvergadering zijn via een Sterkten-Zwakten-Kansen-Bedreigingen-analyse de leefbaarheidsthema’s voor Boerakker/Lucaswolde vastgesteld. De thema’s op de formulieren voor de keukentafelgesprekken zijn daarvan afgeleid.
De aftrap voor de inventarisatie werd gedaan op de nieuwjaarsreceptie, door de voorzitter van het bestuur. Van februari tot en met maart is de inventarisatie door de leden van de werkgroep uitgevoerd. Op vijf maandagavonden in het dorpshuis hebben in totaal 120 (ongeveer 20% van het totaal) inwoners meegedaan aan de gesprekken.
Deze personen zijn hiervoor persoonlijk uitgenodigd (aselect, via de ledenlijst) of hebben zichzelf aangemeld om mee te doen, waardoor een goede afspiegeling van de bevolking is betrokken bij de inventarisatie. De VKDG leidde de avonden steeds kort in met het nut en achtergrond van de aanpak van de dorpsvisie. Wethouder Boekema heeft één van de avonden bijgewoond en op één van de andere avonden was de pers aanwezig (zie bijlage 3: artikel Dagblad van het Noorden).
De terugkoppeling van de uitkomsten naar de bewoners is gebeurd op vrijdag 11 april. Toen zijn ook de tekeningen van de schoolkinderen “Boerakker/Lucaswolde in de toekomst” gepresenteerd en heeft de oudst aanwezige de mooiste tekening uitgekozen voor op de voorkant van de dorpsvisie. Het rapport kon kort na de bewonersavond worden afgerond. Tijdens de bewonersavond hebben de bewoners hun prioriteiten aangeven. Dit is vertaald in een plan van aanpak.
Het verslag van de inventarisatie van ideeën van bewoners voor de toekomst en het plan van aanpak is aangevuld met aanvullende informatie over Boerakker/Lucaswolde.
In september 2003 is het eindrapport gepresenteerd aan de gemeente en het Loket Leve(n)de Dorpen.
Hoofdstuk 2. Boerakker/Lucaswolde in het kort:
historie, voorzieningen, bevolking en vigerend overheidsbeleid
2.1 Historie: Boerakker/Lucaswolde “Ons Dorp”
Ons dorp is strategisch gelegen, zo’n anderhalve kilometer van de A7 tussen Groningen en Drachten. Gezelligheid en gemoedelijkheid kenmerken het dorp, maar zeker ook de rust, die altijd nog zeer gewaardeerd wordt. We duiken even de historie in van “Ons Dorp”.
Boerakker is ontstaan aan een oude zandweg “Buirenackers” of Boerenakkers die liep vanaf het nonnenklooster “Maria`s Poort” (gesticht in 1204) bij Kuzemer in zuidelijke richting tussen de weilanden, moerassen en veel riet. Dat deze weg oud is bewijzen de vondsten van resten van een oude veenbrug die dateren uit de late Middeleeuwen, tijdens de aanleg van een nieuwe brug iets ten noorden van het dorp. De omgeving bestond uit grote heidevelden en veel woeste grond en veen. Tijdens afgravingen van het veen en het ontginnen van onrendabele landerijen zijn er voorwerpen gevonden zoals stenen bijlen en zelfs een bronzen speerpunt (Dijkweg en Roordaweg). Deze wijzen erop dat er vele jaren voor Christus al bewoning moet zijn geweest,. Aangenomen kan worden dat er in deze streek in die tijd ook al oorlogen werden gevoerd.
Eind 1500 waren ook in onze omgeving de Spaanse troepen aanwezig. De soldaten van Graaf Willem Lodewijk en die van de Spaanse Veldheer Verdugo hielden hier geregeld schermutselingen. Toen de Spaanse troepen verdreven waren, hadden ze in deze streek veel geplunderd.
Rond 1800 begon men met de vervening en de winning van baggelturf. De turf werd meest door Friese schippers naar Friesland gebracht.
Aan de oude zandweg tussen Vredewold en Langewold stonden in 1812 vier ongenummerde huizen. Dit zullen waarschijnlijk de eerste huizen van Boerakker zijn. Volgens de atlas van Kuiper uit 1867 zien we dat er ter hoogte van het huidige dorp 10 woningen stonden. Op 16 december 1875 besloot de raad van Marum de zandweg, ook wel “hobbelweg “genoemd, wat nu de Hoofdweg is te bestraten, mits Leek bijdroeg in de kosten. Deze weg was de gemeentegrens. De oostzijde was gemeente Leek en de westzijde was gemeente Marum. In december 1877 werd besloten dat Marum, Leek en Oldekerk de weg gezamenlijk zouden onderhouden.
Boerakker groeide. Op een kaart van 1907 is te zien dat er verschillende woningen bij kwamen, haast allemaal op een afstand van 100 tot 250 meter van de Hoofdweg. De bebouwde kom telde toen 15 woningen. Omdat het hier een veenrijk gebied was waren de bewoners voor een groot deel betrokken bij de vervening. De arbeiders kregen kleine huisje met wat grond in erfpacht voor 15 tot 20 gulden per jaar.
Tussen 1900 en1910 ontstond eigenlijk het dorp. In het jaar 1906 werd een schoolvereniging opgericht tot het verkrijgen van een Christelijke school, die in 1909 is gebouwd aan de Hoofdweg. De raad van Marum besloot in 1908 voor de bouw van een Openbare school met onderwijzerswoning. Deze kwam te staan aan de Hoge Tilweg en werd in 1910 in gebruik genomen. De nieuwe school aan de Olde Ee werd in 1986 in gebruik genomen.
In 1911 werd de kerk gebouwd en op 1 december in gebruik genomen, maar nog zonder toren. Er werd in 1929 een nieuwe kerk naast de oude gebouwd en die had wel een toren. Het uurwerk met klok is door de dorpsgemeenschap aangeschaft en is daarom gemeenschappelijk bezit. Het wordt dan ook onderhouden door de vereniging Dorpsbelangen. De klok is één van de weinige klokken die is blijven hangen tijdens de klokkenroof van de Duitse bezetting.
Lucaswolde, een landelijk langgerekt streekdorp, werd voor het eerst vermeld in 1385. Toen ondertekende pastoor Luppold, namens de boeren van Lucaswolde een officieel stuk, waarin afspraken over de waterafvoer waren geregeld in Vredewold. In 1528 werd volgens het archief van Nienoord door Anno tho Malijk een stuk grond verkocht ten behoeve van het nieuwe convent, een klooster met bijbehorende kapel, gesticht te Lucaswolde door de “susteren van Reyde “. Vermoedelijk is dit convent tijdens de 80-jarige oorlog verwoest en afgebroken. Lucaswolde heeft zich nooit als een dorp met een kern ontwikkeld en was praktisch alleen vanuit Noordwijk te bereiken, daarom wilden de bewoners graag een verbinding met Boerakker. In 1878 werd besloten een zandweg aan te leggen, die verbeterd werd in 1905 met een grindlaag en een jaar later voorzien van een laag steenslag. Zo is dan de Hoge Tilweg ontstaan.
De Noorderweg werd in 1922 aangelegd. Het was niet meer dan een zandweg die pas in 1931 werd voorzien van klinkers. Het Schilligepad, dat “scheef over” betekent, was van oorsprong een kerkenpad naar Tolbert. In 1959 werd hier een uitgebreid nieuw wegennet aangelegd met o.a. Boerenweg, Middenweg en Hindrik de Haanweg.
Boerakker groeide door. In de jaren 1980-1990 kwam door nieuwbouw De Olde Ee tot stand. Een lang gekoesterde wens van de inwoners van Boerakker ging op 13 april 1984 in vervulling toen het Sport en Ontmoetingscentrum ”Oomkegast” werd geopend. Het gebouw kwam tot stand in het kader van het BRW-experiment Kleine Kernen en is gebouwd door leerling-bouwvakkers en door zelfwerkzaamheid van 150 vrijwilligers. De naam is gekozen omdat nabij Boerakker van oudsher een Herberg “Oomkegast” heeft gestaan. Dit op grond van een verzegeling uit 1753. Boerakker behoorde nog steeds bij 2 gemeenten, wat als lastig werd ervaren. Op initiatief van dorpsbelangen werd er in 1987 een enquête gehouden, het merendeel van de inwoners koos voor de gemeente Marum. En op 1 januari 1990 droeg de burgemeester van Leek het Leeksterdeel aan de Marumer burgemeester over. Boerakker behoorde toen helemaal bij de gemeente Marum.
De oude zandweg is nu de N388 en is in 1988 als een rondweg om het dorp gelegd. Het is een belangrijke noord-zuidverbinding en één van de drukste wegen van de provincie Groningen.
Boerakker is een landschappelijk aantrekkelijke plaats met in de omgeving vele vormen van recreatie. Zeer geschikt als uitgangspunt voor fietstochten, wandelen, kanoën en paardrijden. Sport en het verenigingsleven spelen een grote rol in het dorp.
Zo is dan Ons Dorp echt “Ons Dorp” waar we net als in het monopoliespel geen hotels maar woningen willen bouwen.
(door Jan Helder en Hugo Bos)
2.2 Voorzieningen en bevolking in cijfers
Gemeente Marum, bestaande uit 8 dorpen, ligt ten westen van de stad Groningen in het Westerkwartier. Boerakker en Lucaswolde liggen noordoostelijk van de hoofdkern Marum, richting Leek. De afstand tot Groningen via de autosnelweg A7 is 20 km.
In 2000 woonden er in de gemeente Marum 9686 mensen, waarvan 646 in Boerakker en 211 in Lucaswolde, respectievelijk 223 en 69 huishoudens. Ten opzichte van 1995 betekende dit een groei van resp.: 3,3% (9376 inwoners in 1995), –5,0% (680 in 1995) en 1,9% (207 in 1995). Tussen 1995 en 2000 zijn er geen huizen gebouwd in Lucaswolde en Boerakker.
Het bedrag dat de gemeente Marum per inwoner besteedt aan sociaal cultureel werk is € 8,94 (landelijk gemiddelde €14,93) en algemeen maatschappelijk werk €5,86 (landelijk gemiddelde € 5,81).
In Boerakker zijn twee basisscholen, een openbare en een christelijke. Voor medische voorzieningen (huisarts, apotheek en verzorgingstehuis) zijn Boerakker en Lucaswolde aangewezen op Marum, Tolbert, Leek of Grootegast. Maaltijden worden in alle dorpen van de gemeente bezorgd (Tafeltje dekje).
De buslijnen 89 (Groningen, Ureterp) en 100 (Groningen, Heerenveen) stoppen beide elk uur langs de A7 (2 km van het dorp). Lijn 133 (Groningen-Surhuisterveen) stopt ’s morgens en ’s middags vier keer op de halte Boerakkerweg. Grijpskerk is het dichtsbijgelegen treinstation.
Boerakker heeft een sportterrein, een sportcentrum en een ijsbaan. Boerakker heeft één multifunctioneel verenigingsgebouw: dorpshuis de Oomkegast en twee kerkelijke verenigingsgebouwen. Verder komt de JIP-bus (Jongeren Informatie Punt) regelmatig in Boerakker, een ontmoetingsplek en informatiepunt voor jongeren. Andere jongerenvoorzieningen zijn beschikbaar in Marum en Leek.
De bewoners van Lucaswolde zijn een kleine 3 km verwijderd van de accommodaties in Boerakker.
Boerakker/Lucaswolde beschikken niet over een postkantoor-, bank- of geldvoorziening (pinautomaat). Boerakker wordt nog aangedaan door een rijdende winkelvoorziening. De afstand tot de supermarkt is voor beide dorpen rond de 3 km.
(Bron: Voorzieningen in de dorpen in de provincie Groningen, 2000 door Provinciaal Ontwikkelinstituut voor Zorg en Welzijn.)
2.3 Bestaand overheidsbeleid
Provinciaal Omgevingsplan (POP)
1. t.a.v. voorzieningen
Binnen het POP wordt als één van de oplossingen van het voorzieningen- en leefbaarheidsvraagstuk genoemd, het uitvoeren van brede ontwikkelingsprojecten. Daarbij gaat het vooral om het benutten van functies als wonen, werken, verkeer en vervoer, cultuur, recreatie, natuur, landschap, waterberging en -winning. Uit het oogpunt van leefbaarheid kan de categorie “complete dorpen” gebaat zijn bij beperkte nieuwbouw.
2. t.a.v. woningbouw
De inzet voor woningbouw is vooral gericht op ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid. De leefbaarheidsproblematiek vraagt om oplossingen op maat. Speciale aandacht is nodig om het woningaanbod beter af te stemmen op de veranderende wensen van de vergrijzende bevolking.
3. t.a.v. bottom-up
De provincie wil personen en instellingen stimuleren om samen projecten uit te voeren ter verbetering van de leefbaarheid in de eigen omgeving. Daarnaast wil ze ook het verenigingsleven en het vrijwilligerswerk stimuleren. “Vernieuwende initiatieven zullen we (blijven) ondersteunen”.
4. t.a.v. toerisme en recreatie
In het POP worden met betrekking tot recreatie en toerisme de volgende aandachtsgebieden genoemd: cultuurtoerisme, natuur en landschap, stad en ommelanden, plattelandstoerisme,vaartoerisme, routegebonden recreatie, dagtoerisme, verblijfstoerisme, professionalisering en kwaliteitsverbetering en promotie.
Gemeente Marum
Enkele lopende zaken in de zomer van 2003:
– Aanleg speelveld aan de Olde Ee;
– Nieuw bestemmingsplan voor 10 woningen (doelgroep: starters en senioren);
– Veiligheid rondweg (Boerakkerweg);
– Verfraaiing rond de kerk;
– Verlichting parkeerplaats basisschool;
– Jeugdhonk.
In het collegeprogramma van de Gemeente Marum voor de periode van 2002-2006 staat een aantal relevante zaken:
– Streven naar verbetering van contact tussen de burger en het gemeentebestuur, daarbij een nieuwe rol voor de gemeenteraad, door de invoering van het duale stelsel: de gemeenteraad toetst of de ideeën uit de bevolking worden omgezet in beleid. Voorlichting en externe communicatie moeten de komende periode voor de burger nog meer zichtbaar worden.
– Herkenbaarheid politiezorg: o.a. twee buurtagenten, twee dorpswachten.
– Sociale veiligheid dient doorlopend aandacht te hebben. Onveilige plaatsen worden voorzien van openbare verlichting.
– Speciale aandacht voor veiligheid binnen de bebouwde kom voor kinderen en ouderen, doorgaand verkeer weren uit de dorpskernen, “duurzaam veilig” verder uitwerken, openbaar vervoer in de regio op peil houden.
– “Modern platteland” met passende economische ontwikkeling. Leefbaarheid voor de kleine kernen is hierbij belangrijk.
– Aanwezigheid van de scholen bevordert de leefbaarheid. Mogelijkheden tot samenwerking tussen openbaar en bijzonder onderwijs heeft aandacht.
– Activiteiten op het terrein van sport, scholing, sociaal-cultureel werk en de daarbijbehorende voorzieningen zijn van groot belang voor de leefbaarheid: Sportvoorzieningen in de buitendorpen handhaven en speelplaatsenbeleid ontwikkelen.
– Kleinschalig karakter van het landschap bepalend voor de vormgeving van recreatie en toerisme: openstellen oude paden. Natuur zoveel mogelijk toegankelijk voor het publiek. Grote aandacht voor behoud en ontwikkeling van natuur en landschap.
– Stimulering samenwerking eerstelijns voorzieningen op het gebied van gezondheidszorg.
– Nieuwbouw van belang voor de leefbaarheid en veiligheid van de kleine kernen, echter beperkte bouwprogramma’s, daarbij speciale aandacht voor ouderenhuisvesting en jongeren. Aanbod huurwoningen op peil houden, samenwerking tussen gemeente en woningbouwcorporaties (volgens Woonplan Westerkwartier). Strategische aankopen van de grond voor toekomstige woningbouw past in de ontwikkeling van de ruimtelijke ordening.
(Bron: Collegeprogramma gemeente Marum 2002-2006)
Fietspadenplan, 2001:
Fietsbeleid heeft zowel mobiliteits- als verkeersveiligheids-aspecten. Doel fietspadenbeleid: vergelijking stand van zaken ten opzichte van 1985, verkeersveilige gebruikspaden (scheiden gemotoriseerd van niet-gemotoriseerd buiten de bebouwde kom, veilige routes binnen de kom), verbinden van recreatief aantrekkelijke plaatsen, bevordering rondritmogelijkheden, combineren gebruiksnut van gebruikspaden en recreatieve paden, verbetering van de bekendheid via bewegwijzering.
Ontwikkelingsvisie Marum-Grootegast, 1999:
Gezamenlijk beeld op de ruimtelijke ontwikkeling. Het landschap wordt hierbij als basis genomen. Visie is grotendeels gestoeld op de centrale ligging in Noord-Nederland, de ligging aan de A7 (en in de toekomst HSL/zweeftrein?). Natuurontwikkeling, landschappelijk bouwen, differentiatie in de groeimogelijkheden van dorpen (Lucaswolde en Boerakker alleen voor de eigen behoefte). Werken grootschalig: transport- en distributiesector, kleinschalig: vrijkomende agrarische gebouwen. Recreatie en toerisme: Regionaal recreatieknooppunt voor Noord-Nederland en recreatief netwerk van paden in relatie met de omgeving. Verkeer: veiliger maken van landelijke wegen.
Woonplan 2002-2010. Speerpunten:
– Concentratie van uitbreiding van de woningvoorraad in het centrumdorp Marum.
– Centrumontwikkeling Marum m.b.t. winkelfunctie.
– Zorg voor een goed leefklimaat in de overige dorpen door te staan voor een goed basisvoorzieningenniveau (school, dorpshuis, sport en recreatie), een goede ruimtelijke kwaliteit (openbare ruimte en veiligheid) en goede fietsverbindingen met het centrumdorp Leek en Drachten (schoolroutes).
Ook wordt genoemd de trendbreuk met het verleden. In de jaren ’90 95% “uitleg”, in de komende periode dit terugbrengen tot 35% en nieuwbouw zoveel mogelijk realiseren in functieveranderingsgebieden en herstructureringsgebieden. Tevens verzoek om extra contingenten en ISV-bijdrage aan de Provincie.
Hoofdstuk 3. Inventarisatie
3.1 Inleiding, werkwijze en respons
Op 20 januari, 3 februari, 10 februari, 17 februari en 3 maart zijn keukentafelgesprekken gevoerd in de Oomkegast. Steeds werden er gelijktijdig vijf gesprekken gevoerd, zodat uiteindelijk 120 personen zijn betrokken bij de inventarisatie.
Keukentafelgesprekken
Mensen werden uitgenodigd voor een bepaalde avond. Rond de klok van acht druppelden mensen binnen waarna door de voorzitter het startsein werd gegeven en de VKDG de avond kort inleidde (doel en werkwijze dorpsvisie).
De werkgroep had zich opgedeeld in koppels van twee. Volgens de van tevoren vastgestelde rolverdeling van notulist en gespreksleider, werd begonnen met een uitleg over de bedoeling en de werkwijze van het gesprek. Daarbij werd uitdrukkelijk gezegd dat het niet nodig is dat men het eens wordt over punten; alle ideeën en wensen worden in eerste instantie meegenomen. Aan het eind van het gesprek is gekeken welke ideeën het meest in aanmerking zouden komen om als prioriteit bestempeld te worden. Gespreksleiders hebben daarbij opgemerkt dat prioriteiten niet alleen worden vastgesteld aan de hand van hoe vaak iets genoemd is, maar ook te maken hebben met: of het samen met de andere dorpen gedaan kan worden, de urgentie, of iets op een redelijk korte termijn gerealiseerd zou kunnen worden, de hoogte van de eventuele investering etc. Ideeën en wensen blijken elkaar vaak aan te vullen en zouden dus ook in combinatie kunnen worden uitgevoerd. De gesprekken zijn vervolgens via het langslopen van de thema’s in de werkbalken gevoerd (Bijlage 1. Formulieren keukentafelgesprekken, bijlage 2. Instructie keukentafelgesprekken).
Respons
Er is naar gestreefd om met ruim honderd bewoners, die samen een ‘doorsnede’ van de inwoners vormen, in gesprek te komen. Dus: jong en oud, verschillende straten, verschillende (levens)overtuiging, verschillende inkomens, verschillende beroepen, uit de bebouwde kom en het buitengebied, met en zonder kinderen enz.
Uiteindelijk hebben 25 gesprekken plaatsgevonden, met ongeveer 120 mensen in totaal (exclusief de leden van de werkgroep).
3.2 Leefbaarheidsthema’s Boerakker/Lucaswolde: de uitkomsten
Algemeen
De bewoners van Boerakker/Lucaswolde beschouwen hun woonlocatie, vanwege de rust en de ruimte die zij er ervaren, als uniek. Om er echt van te genieten zijn er meer wandel- en fietspaden door het coulisselandschap nodig. Kortom, recreatieve mogelijkheden moeten beter benut en zonodig ontwikkeld worden. De bereikbaarheid, vlakbij de A7, is uitstekend (in verband met werk en voorzieningen).
De sociale veiligheid en sociale betrokkenheid zijn goed. Boerakker is een sportief dorp, maar om het goede verenigingsleven op peil te houden is werving/begeleiding van vrijwilligers nodig.
De jaarlijkse survivalrun staat goed bekend, maar de bekendheid kan mogelijk nog worden uitbreid.
De twee basisscholen samenvoegen tot één school zou het onderwijs sterker maken.
Gemeenschapszin (vrijwilligers, verenigingsleven, gezelligheid, integratie)
Met de gemeenschapszin in Boerakker/Lucaswolde zit het wel goed. De sfeer is goed en meerdere keren valt het woord “gezellig’’. Mensen van buiten, die in Boerakker/Lucaswolde komen te wonen, hebben weinig moeite om zich er thuis te voelen. Vooral activiteiten als de survivalrun zijn bij iedereen, ook bij nieuwkomers, erg populair.
Een probleem is wel het behoud van vrijwilligers. Nu gaat het nog, maar rekening houdend met de vergrijzing, zou het in de toekomst wel eens moeilijk kunnen worden om vrijwilligers te vinden. Vooral voor het kader/bestuur van de verenigingen.
Het zou goed zijn om de nieuwkomers beter te informeren over het reilen en zeilen in het dorp (verenigingen, contactpersonen, activiteiten), bijvoorbeeld via een informatieboekje van dorpsbelangen, en op die manier beter te betrekken bij het verenigingsleven en ook warm te maken voor het vrijwilligerswerk. Ook een roulatiesysteem zou uitkomst kunnen bieden. Men zit nu te lang vast aan hetzelfde bestuur, omdat er geen opvolgers zijn.
In principe zijn er genoeg verenigingen, bovendien: wanneer je een nieuwe vereniging begint moeten ook daar weer vrijwilligers voor gevonden worden. Toch is er wel behoefte aan een vereniging voor met name de jeugd en de ouderen. Minstens 1 keer per maand zou er toch iets te doen moeten zijn voor beide groepen.
Voorzieningen (ook: tijdstippen winkels, café, bibliotheek, openbaar vervoer etc.)
Unaniem: het verdwijnen van de “Winkel van Sinkel” wordt als een enorm gemis ervaren. Niet alleen om nog even een paar boodschappen op te halen, maar ook voor de sociale contacten. Een klein winkeltje wordt duidelijk ook gezien als een sociale voorziening. Voor oudere en minder mobiele mensen is het eigenlijk een voorwaarde om in het dorp te kunnen blijven wonen. Een winkel als bron van hoofdinkomsten is niet haalbaar, maar misschien zou het een goede nevenactiviteit zijn.
De SRV-man komt helaas vaak langs als de mensen aan het werk zijn. Enkele andere mobiele voorzieningen zijn: een bakker, een kaas- en visboer en de bibliobus. Rijdende voorzieningen zijn erg belangrijk.
Het café zou wel wat uitnodigender mogen zijn, de drempel blijkt voor minder bekenden nu vaak te hoog. Een terrasje met ijsverkoop voor het café zou het al wat opener maken. Ook zou het café wel wat mogen worden ‘opgefrist’. Overigens is men erg blij dat er nog een café is in het dorp. De “Doorrit” is een bijzonderheid van het café.
De ijsbaan laat te wensen over. Door de diepte duurt het te lang voor er geschaatst kan worden. Een nieuw veld zou uitkomst kunnen bieden.
De bus moet vaker rijden, is nu voornamelijk gericht op scholieren. Voor ouderen is het de enige mogelijkheid om het dorp uit te komen.
Dorpshuis de Oomkegast zou uitgebreid kunnen worden met ook een hoekje van de bibliotheek en een leestafel.
Verder zijn de volgende voorzieningen erg gewenst: speeltuin en/of speelplaatsjes voor kinderen, buitenschoolse opvang, begraafplaats, bank/postagentschap, gymlokaal vergroten tot sporthal, internet/glasvezelkabel.
Inrichting kom (sfeer en functionaliteit, verlichting, groen, parkeerplek, pleintje, bankje, etc.)
Algemeen geldt dat het aanzicht saai en doods is. Er moet meer kleur en fleur in komen. De bloembakken langs de Noorderweg zijn niet fraai en leiden tot zeer onveilige situaties. Ook de bloembakken aan de Hoofdweg moeten duidelijker uit oogpunt van de verkeersveiligheid. Beplanting moet naar het seizoen gebeuren. Vroeger waren er veel meer bomen; die aanplant zou terug moeten komen. Verder zouden er meer bankjes moeten komen, zoals bijvoorbeeld bij de speelplaats, en pleintjes voor de kerk en de Oomkegast, voorzien van de nodige bankjes en groen.
De trottoirs zijn te smal, schots en scheef en/of trottoirbanden ontbreken. De Hoge Tilweg heeft niet eens een trottoir. De verlichting moet beter (Noorderweg, Hoofdweg, Middenweg, Boerenweg, bij het speelplaatsje). Door het hele dorp van mooiere verlichting te voorzien in plaats van de oude lantarenpalen die er nu staan, komt er ook meer sfeer in het dorp.
Het parkeren wordt steeds meer een probleem. Er moeten meer parkeerplaatsen komen en verder moet – waar nodig – een parkeerverbod worden ingesteld, bijvoorbeeld aan één zijde van bepaalde straten.
Rust, ruimte, natuur en recreatie (in en om Boerakker/Lucaswolde)
Rust is er genoeg, maar de mogelijkheden om ervan te genieten zijn wel wat beperkt. Er zouden veel meer wandelpaden en fietspaden moeten komen. Oude paden zouden weer in ere hersteld moeten worden.
Een aantal ideeën met betrekking tot de aanleg van nieuwe paden:
– Fietspaden nabij Lucaswolde, Noorderweg, Kattenhage, Wilgenpad, Roordaweg, De Jammer, Oude Diep.
– Wandelpaden langs Hooiweg, Wilgenpad, Elzenpad, Hogedijkje.
In overleg met Staatsbosbeheer en de gemeente kan er wel wat extra bos aangelegd worden. De natuurgebieden zouden ook beter ontsloten moeten worden. Voor mensen met kinderen zou een zwemplas en hertenkampje een welkome voorziening zijn. De petgaten zouden ook terug moeten komen. Dit waren voorheen unieke vogelgebieden. De suggesties om de verkeershinder van de Boerakkerweg tegen te gaan zijn: bomen planten en herstel van oude houtsingels.
Verder: ruiterpaden, kanomogelijkheden, aanlegsteigers, hondenuitlaatveldje.

Verkeersveiligheid en bereikbaarheid (kom + buitengebied, m.b.t. wegverkeer)
Algemeen geldt dat het verkeer nogal eens te hard rijdt en dat er veel onoverzichtelijke kruisingen zijn. De bermen zijn over het algemeen slecht onderhouden. Omdat er geen aparte fietspaden zijn, ontstaan er verkeersonveilige situaties door gecombineerd weggebruik. Ook de eerdergenoemde bloembakken op de Noorderweg leiden tot onveilige situaties. Deze zouden verwijderd moeten worden of juist beter zichtbaar gemaakt.
In dit kader zouden aangepakt moeten worden: kruising met Boerakkerweg, Olde Ee/Hoofdweg, hoek Noorderweg, kruising Hoge Tilweg/rondweg. Op de Hooiweg, Hoge Tilweg, De Bakkerom, Jouwerweg, Boerenweg, Roordaweg en Boerakkerweg wordt te hard gereden. Het instellen van 60 km zones en een fietstunnel onder de kruising Boerakkerweg/Roordaweg door zou uitkomst kunnen bieden.
De bushalte op de hoek van de Boerakkerweg/Hoge Tilweg is onveilig. Vrachtverkeer zou alleen moeten worden toestaan als het ook echt bestemmingsverkeer is. Andere oplossingen: rotondes, wegversmallingen, flitspalen, insteekhavens voor parkeren (auto’s langs de weg belemmeren ook uitzicht), veilige oversteekplaatsen voor fietsers (scholieren) en wandelaars.
Woningbouw/huur (jeugd/ gezinnen/ ouderen)
Op dit moment ervaart Boerakker/Lucaswolde dat er te weinig huurwoningen en betaalbare koopwoningen zijn voor de eigen jeugd/starters. Ook voor de ouderen zijn de mogelijkheden te beperkt. Mensen die hier altijd hebben gewoond zijn nu gedwongen te verhuizen. De doorstroommogelijkheden op de huizenmarkt binnen het eigen dorp zijn beperkt doordat de ouderen niet weg kunnen of willen. Woningbouw op beperkte schaal moet de leefbaarheid in het dorp garanderen.
Het Woonplan zou ervoor moeten zorgen dat er in Boerakker/Lucaswolde zo’n 2 à 3 woningen per jaar bij komen. Gelijkvloerse woningen voor ouderen met ruim toilet/bad etc. Dit zou bijvoorbeeld in een appartementencomplex van maximaal drie lagen hoog kunnen. Een wijkje erbij zoals De Olde Ee is goed inpasbaar. (bijv. aan Noorderweg/ Hoofdweg, tegenover café Copinga) In plaats van nieuwbouw kan ook gekeken worden naar realisatie van appartementen in boerderijen. Voorwaarden aan nieuwbouw: passend in het dorp, geen hoogbouw (maximaal drie lagen), zoveel mogelijk inpassen in lintbebouwing.
Sport- en cultuuraanbod (verenigingen, activiteiten en monumenten)
Met name voor de jeugd mag er wel eens wat meer georganiseerd worden. Veel kritiek is er op de ijsbaan die te diep is en daardoor pas laat gebruikt kan worden. Er is veel versnippering van verenigingen. Er zijn diverse verenigingsgebouwen. Een vast beheerd multifunctioneel centrum dat vaker open is zou uitkomst kunnen bieden.
Wensen op het gebied van sport/ontspanning:
– nieuwe ijsbaan;
– permanente opslagruimte survivalrunmateriaal;
– dagtochtjes;
– spelmiddagen/spelweek voor kinderen;
– biljartclub;
– jeu de boulesbaan;
– buitentennisbaan;
– fitness/jazzballet/aerobics;
– yoga;
– creatieve cursussen;
– waterskibaan;
– skatebaan.
Wensen op het gebied van cultuur:
– openluchtspel Boerakker;
– kunstwerk in centrum;
– disco en filmavonden;
– aandacht historie, bijvoorbeeld in de Treffer stukjes hierover schrijven;
– muziekles in het dorp;
– mensen meer betrekken bij culturele activiteiten;
– feestweek.
Wat voor de sport onder andere nodig zal zijn is een grotere sporthal met zalen geschikt voor toernooien. De voetbal en trainingsvelden moeten het gehele jaar open blijven. Zowel sport als cultuur zijn gebaat bij een bredere openstelling van het MFC Oomkegast, een vast beheerdersechtpaar is dan nodig.
Oud en jong (schoolkinderen, pubers en bejaarden)
Voor de kleintjes kan er wel wat meer gedaan worden zoals de aanleg van een vernieuwde speeltuin, een speelbosje om te ravotten en een doe- en spelmiddag. Buiten- en naschoolse opvang en een nieuwe peuterspeelzaal zijn ook gewenst evenals het samenvoegen van beide scholen tot een brede school met alle mogelijke voorzieningen (zoals buitenschoolse opvang e.d.)
Voor kinderen vanaf ongeveer 11 jaar is er niet veel te doen. De jeugd heeft geen eigen plek, geen jeugdsoos. Een jeugdsoos in de Oomkegast zou een mogelijkheid kunnen zijn, een eigen skatebaan als ontmoetingsplek is ook een optie of een hangplek in de Doorrit van café Copinga. De JIP-bus moet zeker blijven.
Voor ouderen is een internetcafé annex soos welkom. Ook een jeu de boulesbaan in het centrum zou een goed idee zijn.
Werk en ondernemersschap (bestaand en nieuw)
Wat er aan ondernemers is moet blijven, maar uitbreiding van ondernemersschap wordt niet als mogelijk/wenselijk gezien. Er is niet genoeg afzet en geen ruimte. Mensen zitten over het algemeen niet te wachten op een industrieterrein langs de A7. Kleinschalige, exclusieve winkeltjes en ambachtelijke bedrijven zijn welkom. Bovendien wil men graag de “Winkel van Sinkel” terug.
Boerakker/Lucaswolde moet een agrarisch dorp blijven. Sommige ondernemers zijn onbekend bij andere ondernemers. Het oprichten van een kring van ondernemers zou hen bij elkaar kunnen brengen. Meerdere keren wordt een snellere internetverbinding genoemd als voorwaarde voor goed ondernemersschap op het platteland (ADSL of satelliet).
Uitstraling en zelfbewustzijn (identiteit)
Men heeft het idee dat buitenstaanders wel eens geringschattend over Boerakker doen. Een enkeling oppert dat het aan de naam ‘Boerakker’ ligt. Zelf vindt men dat het dorp ook wel leuker kan, het is wat saai en doods. Een jaarlijkse schoonmaakdag zou het dorp kunnen oppeppen. De survivalrun zorgt voor een positieve uitstraling. Men ziet in de dorpsvisie ook een positieve reclame voor het dorp. Het gemis aan winkeltjes zorgt ook voor gemis aan karakter. (Lucaswolde wordt niet gebrek aan uitstraling en karakter verweten). De sfeer in Boerakker/Lucaswolde wordt als gemoedelijk en gezellig omschreven.
Overige, relatie met … (gemeente, andere dorpen)
Boerakker is qua winkels nauwelijks georiënteerd op Marum, maar meer op Leek en Tolbert. Lucaswolde richt zich op Tolbert en Grootegast. Er zou wel iets meer samenwerking kunnen komen met andere dorpen op het gebied van sport of activiteiten voor de jeugd. Men vindt het logisch dat niet alle activiteiten in Boerakker/Lucaswolde zèlf plaats kunnen vinden. “Maarheem” in Marum is een goede voorziening. Het openbaar vervoer tussen de dorpen zou wel beter moeten. De ervaring met de gemeente Marum is wisselend, de één noemt het ronduit slecht, anderen zijn er iets positiever over. Vast staat dat de gemeente wel wat meer zou mogen doen voor Boerakker/Lucaswolde. Een vast aanspreekpunt zou gewaardeerd worden, evenals een spreekuur in Oomkegast.
Samenvattingen/prioriteiten
Woningbouw en verkeersveiligheid staan het vaakst bovenaan vermeld op de prioriteitenlijst, gevolgd door voorzieningen en verfraaiing dorpskern. Het complete overzicht van prioriteiten ziet er als volgt uit:
– Woningbouw
Dit wordt gezien als voorwaarde om het dorp leefbaar te houden. Voor een goede doorstroming zou er wel gebouwd moeten worden. Iedereen die een woning zoekt moet zich inschrijven in de gemeente, om zo duidelijk te maken welke behoefte er is.
– Verkeersveiligheid
Voor fietsers, schooljeugd en andere weggebruikers zijn er te veel gevaarlijke en onoverzichtelijke plekken (zie de inventarisatie onder Verkeersveiligheid). Men zal zelf met de problemen en knelpunten naar de gemeente toe moeten om hier iets aan te veranderen. Andere gesprekspartners: 3VO (voorheen Veilig Verkeer Nederland), het Regionaal Orgaan voor de Verkeersveiligheid Groningen (ROG), de Provincie en de basisscholen.
– Voorzieningen
Er moeten voorzieningen komen voor de jeugd om zich te vermaken (skatebaan, jeugdhonk) en voorzieningen waardoor ouderen blijven (winkeltje, multifunctionele bus, openbaar vervoer, soos e.d.). De mensen kunnen zelf al heel veel doen aan het behoud en tot stand (laten) komen van de voorzieningen, zoals het zoeken van samenwerking met gemeente, andere dorpen en MFC de Oomkegast. Een speeltuin voor de kleinste kinderen, een goed functionerende ijsbaan, twee goed samenwerkende basisscholen zijn zeer gewenst.
– Dorpskern
Verfraaiing van de dorpskern kan tot stand worden gebracht door de aanplant van bomen, de aanleg van pleintjes en het plaatsen van diverse bankjes. De samenwerking met gemeente en provincie en het betrekken van kinderen is hierbij van groot belang.
– Recreatie en natuur
De aanleg van fiets-, wandel- en ruiterpaden, herstel oude paden, behoud houtwallen, bereikbaarheid natuurgebieden, aanleg bos, behoud rust & ruimte dragen naar verwachting van de bewoners bij aan deze prioriteit.
– Overig
Internet, dorpsopbouwwerker, behoud De Treffer (dorpsblad), parkeerruimte, een restaurant, informatiepaneel, plein + terras, begraafplaats, langs de Hoofdweg een kanaal, paardrijden en andere toeristische attracties.
– Samenwerking
Samenwerking kan gezocht worden met Loket Leve(n)de Dorpen, gemeente en Staatsbosbeheer, Landschapsbeheer Groningen, de Provincie en het Groninger Landschap voor natuur en recreatie.
Hoofdstuk 4. Plan van aanpak
In hoofdstuk 1 is reeds beschreven wat onder een dorpsvisie wordt verstaan, namelijk een plan waarin een dorpsbelangenorganisatie aangeeft wat de gewenste ontwikkeling is van de leefbaarheid van het dorp en de naaste omgeving, maar ook hoe het tot stand komt en wat je er mee kunt/doet. Zoals gezegd gaat het dan niet alleen om allerlei inhoudelijke aspecten (wensen en ideeën) maar ook de organisatorische aspecten (wie doet wat, en wanneer?). In dit hoofdstuk willen we hiertoe een aanzet geven.
4.1 Concrete activiteiten
Prioriteiten zijn tijdens de inventarisatie reeds aangedragen. De werkgroep heeft ze vertaald in concrete activiteiten en deze vervolgens voorgelegd aan de bewoners op de bewoners-avond op 11 april. Met behulp van stickers konden de aanwezigen hun persoonlijke voorkeuren voor de diverse concrete activiteiten aangeven. Het is bedoeld als hulpmiddel bij de aanpak van de uitvoering van de ideeën: waar beginnen we mee en wat is minder urgent. De aantallen stickers staan vermeld achter het betreffende idee/activiteit. Alle andere ideeën blijven dus gehandhaafd, maar worden in latere instantie opgepakt. De termijn waarnaar gestreefd wordt om alle wensen te realiseren is 10-15 jaar. Bewoners kregen vijf groene en één rode sticker uitgedeeld. De groene waren bedoeld om een activiteiten te ondersteunen, een rode om aan te geven “liever niet”. De uitkomsten waren de volgende:
Boerakker: uitkomst bewonersavond GROEN ROOD

Meer woningbouw / nieuw bestemmingsplan 53 1

Verfraaiing dorpskern 35

Voorzieningen:
Speeltuin 23 1
Jeugdhonk 4 4
Verbreding functie Oomkegast 5
Samenwerking basisscholen 14

Recreatieve voorzieningen:
Aanleg/onderhoud paden 17
Ijsbaan 17
Natuurontwikkeling 1

Verkeersveiligheid:
Algemeen 16
Kom 8
Buitengebied 1

Overig:
Dorpsgids 5
Meer parkeergelegenheid 4 2
Openbaar vervoer 1
Sneller internet 8
Opmerking: Op de bewonersavond waren weinig jongeren aanwezig wat zeer waarschijnlijk van grote invloed is geweest op de uitkomst, mede in verband met de lopende zaken van het jeugdhonk. Verder hebben maar weinig mensen hun rode stickers gebruikt.
4.2 Tijdspad
Het bestuur van Dorpsbelangen zal de dorpsvisie de komende jaren gebruiken als rode draad voor haar eigen functioneren, maar zal er in sommige gevallen ook proactief “de boer mee op gaan”. Zelf aan de slag gaan om projecten op te zetten, werkgroepen instellen, subsidies aanvragen, zelfwerkzaamheid etc.
Voor een groot aantal thema’s zal het bestuur van Dorpsbelangen echter ook in de slag moeten met de gemeente. De dorpsvisie functioneert in dat geval als naslagwerk en zet de standpunten kracht bij op basis van aangetoond draagvlak.
Afhankelijk van de prioriteit, de verwachte kansen op de kortere of langere termijn en de benodigde tijd per concrete actie, heeft de werkgroep voorlopig de volgende acties in een tijdpad geplaatst.
Termijn 0-1 jaar
Door de gemeente:
– Realisatie van de speeltuin.
– Zoeken naar een locatie voor nieuwbouw/nieuw bestemmingsplan.
– Plan van aanpak verbetering verkeersveiligheid.
– Eerste fase realisatie verfraaiing dorpskern: plaatsen van bankjes etc.
Zelf doen:
– Door Dorpsbelangen: oproep aan mensen om zich te laten inschrijven als woningzoekend.
– Werkgroep instellen voor onderzoek naar de haalbaarheid van sneller internet.
– Werkgroep instellen voor inventarisatie van recreatieve paden.
– Via Dorpsbelangen meedenken in het verfraaiingplan dorpskern.
– Door Dorpsbelangen bij de gemeente lobbyen voor bovenstaande acties.
Termijn 1-5 jaar
Door de gemeente:
– Realisatie van een jeugdhonk.
– Ontwikkelen nieuw bestemmingsplan.
– Realisatie verkeersveiligheidsplan.
– Uitwerken plan voor de verfraaiing van de dorpskern.
Zelf doen:
– Onderzoek naar nieuwe locatie voor de ijsbaan door een werkgroep.
– Werkgroep instellen voor samenwerking basisscholen.
– Door Dorpsbelangen bij de gemeente lobbyen voor bovenstaande acties.
Termijn 5-15 jaar
Door de gemeente:
– Realisatie van de Brede School.
– Invulling van het nieuwbouwplan.
– Uitvoering verfraaiingsplan dorpskern.
– Aanleg van recreatieve paden.
– Aanleg van een nieuwe ijsbaan.
Zelf doen:
– Verbreding functie van de Oomkegast.
– Door Dorpsbelangen bij de gemeente lobbyen voor bovenstaande acties.
4.3 Afsluitend
Naast de bovenvermelde concrete acties blijven alle andere ideeën en wensen gehandhaafd, maar deze worden in latere instantie opgepakt.
De termijn waarnaar gestreefd wordt om alle wensen te realiseren is 10-15 jaar.